tuincentrum en boomkwekerij peter van gennip

Tuincentrum en boomkwekerij Peter van Gennip

Coniferen

Coniferen beginnen eindelijk weer de plaats in de tuin te krijgen waar ze recht op hebben, namelijk als kleurelementen in de winter en als rustgevende, levende basisvormen in de zomerse tuin.

Veel kleur

Veel coniferen vertonen bovendien meer variatie dan vaak wordt gedacht en ze hebben zeer interessante eigenschappen. Het idee dat coniferen qua kleur eentonig zouden zijn, is achterhaald. Er zijn enorm veel tinten grijs, blauw, geel en zelfs bonte coniferen beschikbaar. Ook het groen is eindeloos gevarieerd. Sommige coniferen krijgen in de herfst een prachtige bronskleur (Microbiota), anderen verkleuren schitterend geel (Larix).

Kleurenspel

Hoe opvallender de kleur van coniferen, des te beter moet deze worden gedoseerd om niet te gaan overheersen. Een coniferenhaag kan uitstekend groen of grijsblauw zijn, geel wordt al gauw te veel van het goede. Een (grijs)blauwe ceder (Cedrus libani ‘Glauca’) is een prachtige solitair die ruimte nodig heeft om goed uit te komen, maar een (geel)bonte zoals Thuja plicata ‘Zebrina’ is al snel heel nadrukkelijk aanwezig.

Het is een spel met de verhoudingen. Als dat goed wordt gespeeld, leveren coniferen een fantastische, blijvende, onderhoudsarme bijdrage aan uw tuin, hoe groot of klein die ook is. Coniferen vormen altijd een verrijking van uw leefomgeving.

Waar groeien coniferen?

De meeste coniferen houden van een lichte plek, maar vooral Thuja en Taxus verdragen vrij veel schaduw. Vaak wordt gedacht dat coniferen graag in zure grond groeien, maar dat is meestal niet zo. Coniferen doen het in iedere normale tuingrond, maar hebben het liefst iets zwaardere lichte leem- of kleigrond.

Let op ontwikkeling

Kies voor kleine tuinen geen variëteiten die heel snel groeien of erg groot worden. Aan te raden is om voor kleine tuinen flinke coniferen van langzaam groeiende cultivars te kopen. Dat geeft direct een volwassen beeld en er is dan vrijwel geen snoei nodig.

De namen spreken

Uit de cultivar-namen kunt u soms al opmaken wat u qua vorm van een conifeer mag verwachten. Zo betekent ‘Columnaris’ zuilvormig en ‘Globus’ bolvormig. Bij een naam als ‘Piggelmee’ snapt u dat het een kleinblijver is, net als bij ‘Blue Dwarf’ of namen met ‘Nana’ erin. ‘Fastigiata’ betekent smal opgaand en ‘Pendula’ is geheid een treurvorm met overhangende takken. Een vorm als Juniperus scopulorum ‘Sky Rocket’ moet wel heel smal als een pijl omhoog gaan en Juniperus squamata ‘Blue Carpet’ blijft laag de grond bedekken.

­